Maastricht bereikbaar?! Door de ogen van: John Aarts
“De stad moet haar "geis" behouden en leefbaar blijven. Je begint bij jezelf: geef het goede voorbeeld en probeer open te staan voor verschillende perspectieven.”
Wat is jouw band met de stad? En welk deel van de stad spreekt je het meest aan?
“Ik ben een geboren en getogen Maastrichtenaar. Mijn band met de stad is al in mijn jeugd ontstaan. Ja, ik ben echt een Maastrichtenaar in hart en nieren. Ik ben geboren in het ziekenhuis van Annadal en heb 12 jaar in Wolder gewoond. Verder heb ik in Caberg en Brusselsepoort woningen gehad. Nu ben ik blij in Malberg. O ja, ik heb nog 4 jaar deels in Nijmegen gewoond voor de studie Nederlands Recht maar kwam elke week naar Maastricht. Sinds ik wethouder ben, breng ik veel tijd door in het stadhuis. Sinds corona wordt er ook meer thuis gewerkt dan voorheen.
Ik vind de historische binnenstad het mooiste deel van de stad. De plekken waar ik heb gewoond – met in de omgeving het Jekerdal, het droogdal en De Louwberg – zijn ook prachtig. Wat deze plekken zo bijzonder maakt, is voor mij dat ik er ben opgegroeid. En voor anderen? De ligging, omringd door natuur en glooiingen. Het Kannerbos is zo dichtbij bijvoorbeeld. Het is een schitterend stukje Maastricht.
In de binnenstad waardeer ik vooral de geschiedenis: de historische panden, het knusse gevoel, en de mensen die er wonen en werken. Het is prachtig om te zien. Soms, als je haast hebt, is het drukke stadsleven misschien onhandig, maar ik stoor me er niet echt aan.
Ik heb honderden boeken over Maastricht. Hoewel ik niet altijd tijd heb om ze te lezen, kan ik het niet laten om steeds nieuwe te kopen. Als ik wél tijd heb, lees ik ze graag. Af en toe geef ik rondleidingen, bijvoorbeeld aan de nieuwe burgemeester of aan mijn fractieleden. Ik begin dan bij de Maasbrögk, waar Maastricht is ontstaan, en wandel vervolgens naar het Onze Lieve Vrouweplein. Onderweg vertel ik verhalen over de twaalf poorten die onderdeel van het Romeinse Castellum waren (het oude Romeinse gedeelte) en de thermen waarvan de resten nog onder de grond liggen. Ik neem mensen mee langs de Servaasbasiliek, de kelder van Hotel Derlon en de Onze Lieve Vrouwe-basiliek. Ik vertel onder andere over de kruistochten en de bisschop van Luik.
Het zijn spannende en boeiende verhalen, zoals die over de Ezelmarkt en de Speckamer (in het stadhuis). Weet je waarom het Speckamer heet? Tijdens de Franse tijd zat daar een inspecteur die mensen ondervroeg, en hij werd door de Maastrichtenaren 'spec' genoemd. De laatste persoon die in Nederland de doodstraf kreeg, rond 1850, is op de Markt in Maastricht geëxecuteerd.
Ik heb hier in Maastricht Havo gedaan en vervolgens Atheneum. In Nijmegen studeerde ik Nederlands Recht aan de universiteit. Op de middelbare school kregen we enkele lessen over de geschiedenis van Maastricht. Ik heb me daarna zelf in de materie verdiept. De historische boeken die ik las, hebben me geholpen om een compleet beeld te krijgen.”
Wat is het gekste dat jij ooit meegemaakt hebt in de auto of in het ov in de stad?
“Op de Schepelruwe, ter hoogte van Via Regia, ging ik een tijdje geleden rechtsaf op die weghelft. Links ga je de stad in. Het verkeer stond op de andere weghelft in file stil. Ineens kwam iemand met zeer hoge snelheid recht op mij af op mijn weghelft, om de file voorbij te rijden. Iets wat daar niet mag, want er is een doorgetrokken streep en vluchtheuvel. Het ging net goed, ik werd niet geraakt.
Het was enorm heftig; ik had nog nooit zoiets meegemaakt. Het bleef maar in mijn hoofd malen: 'Hoe was het mogelijk dat dit goed afliep?' Alle mogelijke scenario’s in andere universums speelden zich daarna in mijn gedachten af. Ik had geen tijd om te reageren, ik kon niet uitwijken, en aan de andere kant stond een file. Het voelde alsof ik in een film zat. De schrik zat er goed in. Je moet altijd opletten in het verkeer, maar hier kun je je bijna niet op voorbereiden. Ik hoop dat het me nooit meer overkomt. En jou, de lezer van dit stuk, ook niet.”
Is er een verschil tussen het Maastricht van toen jij tien jaar oud was en nu?
“Toen ik tien jaar oud was – in 1967 – woonde ik in Wolder. De 'geis' van Maastricht is er nog steeds: de structuur en de oude binnenstad zijn er nog, hoewel het steeds drukker wordt. In mijn jeugd was het ook al heel druk in de binnenstad. Dat kwam doordat toen alle autoverkeer over de Wilhelminabrug de Markt op reed en daarna via de Grote Gracht en de Brusselsestraat de weg vervolgde. In de Grote Staat hoorde je toen ook al de gevleugelde woorden: 'Je kunt over de koppen lopen.' Na het tot stand komen van de John F. Kennedybrug en de Noorderbrug en afsluiting van de Wilhelminabrug voor autoverkeer de stad in, nam het verkeer op de Markt en andere wegen af. Door de groei daarna van het verkeer nam het weer toe.
Verder: velen roepen dat er veel is veranderd, maar er is ook veel hetzelfde gebleven. Mensen zijn nostalgisch en romantiseren al snel hun jeugd. De pubers van nu zullen dat over dertig jaar ook doen. Wat is er veranderd? De samenstelling van de bevolking, de komst van studenten, en grote infrastructurele projecten zoals de A2-tunnel en de Noorderbrug. Er zijn betere verbindingen. De welvaart is toegenomen vergeleken met vroeger.
Of ik Maastricht nog iets gun? Zeker: ik gun de stad wijsheid om de juiste balans te vinden."
Doe je ogen dicht en denk aan 2035. Hoe loop jij of jouw kleinkind dan door Maastricht? En hoe fiets je er? Hoe beweeg je je in of rondom Maastricht met de auto of het OV?
“Ik ben niet echt een dromer, ik ben meer analytisch ingesteld. Ik kijk liever naar realistische oplossingen met oog voor alle modaliteiten. Fietsers moeten begrip hebben voor automobilisten en omgekeerd.
De stad moet haar 'geis' behouden en leefbaar blijven. Mijn ideaalbeeld is een stad waarin iedereen elkaar begrijpt en er geen polarisatie ontstaat. Je begint bij jezelf: geef het goede voorbeeld en probeer open te staan voor verschillende perspectieven.”
Stelling:
Duurzame bereikbaarheid en mobiliteit dragen bij aan leefbaarheid, ondernemersklimaat en verblijfskwaliteit in de stad. Hoe zie jij dit?
“Er zijn altijd meerdere facetten waar je rekening mee moet houden. Je moet evenwicht zoeken en uitgaan van een positieve grondhouding, zonder aannames of politieke meningen. Achter elke modaliteit zit een mens: de oudere die dichtbij het Vrijthof wil parkeren, de bewoner die een auto kwijt moet kunnen, of de fietser die zich vrij door de stad wil bewegen.
Je kunt niet eenzijdig zeggen: 'Alle auto’s de stad uit.' Denk bijvoorbeeld aan mantelzorgers die bij iemand thuis moeten komen. Kijk altijd met een open blik naar de gevolgen van je beslissingen.
Zelf verplaats ik me in de stad met de auto, omdat ik door mijn gezondheid niet meer goed kan lopen of fietsen. Ik probeer wel duurzaam te leven: ik heb mijn huis geïsoleerd, gebruik aangepaste lampen, en rijd een hybride auto. Ik ga al jaren niet op vakantie en rijd 7000 kilometer per jaar. Voor ontspanning zit ik het liefst thuis, waar ik dan mijn stukken lees.
Ik denk natuurlijk ook aan de toekomst, vooral aan mijn kleinkinderen. Ik wil graag dat zij in een fijne wereld opgroeien. Het is belangrijk om de jeugd een positief toekomstbeeld te geven. Geen doemscenario’s schetsen, want die kunnen hen psychologisch belasten.”
Heb je nog een tip voor Maastricht Bereikbaar?
“Probeer alle belangen mee te nemen en breng alles in evenwicht. Redeneer niet vanuit één aandacht vragend of populair facet. Denk aan de mensen waar je mee te maken hebt: leef je in en blijf in gesprek gaan, ook als iemand het niet met je eens is.
Leg keuzes goed uit. Waarom is een bepaalde beslissing genomen? Hoeveel mogelijke belangen zijn meegewogen? Dat kan mensen meer begrip geven voor besluiten. Begrijpen ze het erna nog niet? Dan heb je in elk geval de tijd genomen om inzicht te geven in hoe een en ander ontstaan is. Dat is volgens mij altijd goed. Blijven praten met elkaar.”